top of page
Ponyclub
Galop
Wedstrijd reglement Ponyclub Galop
Om de spring- en dressuur wedstrijden zo goed en eerlijk mogelijk te laten verlopen zijn spelregels opgesteld ten aanzien van de onderlinge wedstrijden en de clubkampioenschappen. Onderstaande regels zijn van toepassing op leden van Ponyclub Galop en Ruitervereniging Galop.
Onderlinge wedstrijden
Artikel 1 Inschrijven en afmelden
-
Het aanmelden voor de wedstrijd geschiedt via de verenigingswebsite (www.pcgalop.nl).
-
Afmelden voor de wedstrijd kan uitsluitend bij de wedstrijdsecretaris.
-
Afmelden voor de wedstrijd dient 24 uur vóór aanvang te geschieden, bij latere afmelding wordt 100% van de
kosten in rekening gebracht.
Artikel 2 Betalingen
-
Betaling geschiedt door middel van een tikkie, voorafgaand aan de wedstrijd.
-
Contante betaling is uitsluitend mogelijk in afstemming met de penningmeester.
-
Deelname is alleen mogelijk na betaling, uiterlijk 24 uur vóór aanvang van de wedstrijd.
Artikel 3 Wedstrijdkleding
-
Bij deelname aan wedstrijden wordt van het lid verwacht dat verenigingskleding of wedstrijdkleding wordt
gedragen.
-
Voor deelname aan springwedstrijd is lid 1 niet van toepassing. Van deelnemers wordt wel verwacht dat zij
verzorgd en representatief gekleed zijn.
-
Laarzen of jodphurs met chaps en het dragen een veiligheidscap zijn te allen tijde verplicht.
Artikel 4. Algemene gedragsregels en voorwaarden wedstrijden
-
Deelnemers zijn te allen tijde verplicht de aanwijzingen en instructies van bestuursleden, vrijwilligers en instructeurs op te volgen.
-
Bestuursleden, vrijwilligers en instructeurs dienen met respect te worden behandeld. Bij het niet naleven hiervan kan diskwalificatie en/of verwijdering uit de wedstrijdbak volgen.
-
Het is niet toegestaan zich zonder toestemming in de wedstrijdbak te bevinden.
-
Voor niet- ruiters is het niet toegestaan zich in de inrijbak vóór het afzetlint te bevinden.
-
Het wedstrijdjaar voor het springen loopt van november tot en met november. Het wedstrijdjaar voor de dressuur loopt van oktober tot en met oktober.
-
Deelnemers dienen zich met hun paard uiterlijk 30 minuten vóór de starttijd in de bak te bevinden ten behoeve van de warming-up. Bij het niet naleven hiervan volgt uitsluiting van deelname.
Artikel 5 Indeling springwedstrijden
1. De volgende hoogte- indeling wordt gehanteerd voor de springwedstrijden:
a. Beginnerslesje
b. 30/40 cm
c. 50/60 cm
d. 70/80 cm
e. 90 cm en hoger
2. Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen deelnemers op manegepaarden of pony’s, eigen paarden of
pony’s of concoursruiters.
3. Van de inschrijvingshoogte kan worden afgeweken indien Eed of Maike anders beslist.
4. Voor het bepalen van de dagprijzen wordt de indeling zoals opgenomen in lid 1 gehanteerd.
Artikel 6 Puntentelling springwedstrijden
-
Ieder afgeworpen balk: 4 strafpunten
-
1ste weigering: 4 strafpunten
-
2de weigering: 8 strafpunten
-
3de weigering: uitsluiting
-
Val van het paard/pony: uitsluiting
-
Foutief parcours rijden: uitsluiting
-
Het draaien van een volte vóór een hindernis: 4 strafpunten
Artikel 7 Dressuurproeven
De dressuurproeven worden gereden conform de KNHS kalender.
Artikel 8 Indeling dressuurwedstrijden
-
De volgende indeling wordt gehanteerd:
a. Beginnerslesje;
b. Individuele beginnersklasse (BB);
c. Individuele Gevorderdenklasse (B-L2);
d. Individuele Gevorderdenklasse (M1-M2);
e. Individuele Gevorderdenklasse (Z-ZZ);
d. Concoursruiters.
2. Ten behoeve van een eerlijke verdeling en doorstroming gelden de volgende bepalingen:
a. Deelname aan het beginnerslesje is toegestaan voor maximaal één wedstrijdjaar, tenzij het bestuur anders
besluit. Aansluitend neemt de deelnemer deel aan de individuele beginnersklasse, indien gewenst en mits
toegestaan door het bestuur, aan de individuele gevorderdenklasse.
b. Deelname aan de individuele beginnersklasse is toegestaan voor maximaal één wedstrijdjaar. Aansluitend
volgt deelname aan de individuele gevorderdenklasse.
c. Deelname aan de individuele gevorderdenklasse is onbeperkt toegestaan. Ter waarborging van een eerlijke
competitie kunnen doorstroomregels worden toegepast:
d. Doorstroming naar een hogere categorie wordt vastgesteld door de besturen van de RV en PC, in overleg met
Eed en Maike, op basis van wedstrijd- en rijervaring. Doorstroming kan tevens plaatsvinden op verzoek van
de deelnemer.
3. Voor het bepalen van de dagprijzen wordt de indeling zoals opgenomen onder lid 1 gehanteerd, met dien
verstande dat onderscheid wordt gemaakt tussen:
a. Manegepaarden en pony’s;
b. Eigen paarden en pony’s;
c. Concoursruiters.
-
Indien een categorie meer dan vier deelnemers telt, wordt in afwijking van lid 1 en lid 3 een afzonderlijke categorie gevormd.
Artikel 9 Indeling rubriek (ex) concoursruiters (startkaarthouders)
-
Startkaarthouders rijden in de rubriek concoursruiters.
-
Lid 1 is eveneens van toepassing indien het lid deelneemt op een manege- of eigen paard of pony.
-
Indien er geen sprake meer is van een geldige startkaart geldt de volgende overgangstermijn:
a: 1 jaar na afloop voor ruiters die een B- proef reden
b: 2 jaar na afloop voor ruiters die een L- proef reden
C: 3 jaar na afloop voor ruiters die een M- of hogere proef reden
4. Na afloop van de overgangstermijn kan in iedere andere categorie, zoals opgenomen in artikel 7 onder C, worden
deelgenomen.
5. (ex) startkaarthouders die een B- of L- proef hebben gereden mogen een B proef rijden.
6. (ex) startkaarthouders die een M- proef of hoger hebben gereden moeten minimaal een L1 proef rijden.
7. Leden 5 en 6 zijn niet van toepassing als de overgangstermijn is verstreken.
8. Indien er gestart wordt in een lagere of hogere rubriek dan genoemd in de leden 5 en 6 telt het
resultaat niet mee voor de prijzen (HC).
Artikel 10 Wreedheid/Overbodig en publieksonvriendelijk gedrag
1. Iedere vorm van wrede of ruwe behandeling van paarden of pony’s is uitdrukkelijk verboden op
het oefen- ,losrij- en het wedstrijdterrein.
2. Onder wreed, overbodig en/of publieksonvriendelijk gedrag wordt onder meer verstaan het
buitensporig aanzetten van vermoeide paarden, het overmatig gebruik van zweep of karwats, een
onaanvaardbaar scherp of slecht zittend bit, een neusriem waarbij er minder ruimte is tussen neusriem
en neusbot dan 1,5cm (gemeten aan de bovenzijde midden op de neus), het overmatig gebruik, misbruik
of voortdurend gebruik van sporen, het gebruik van elektrische apparaten, het ‘barreren’ van het paard,
het overgevoelig maken van elk gedeelte van het paard, onder andere door het toepassen van scherpe
zalf en dergelijke, het onjuist toepassen van methoden en/of hulpmiddelen alsmede alle handelingen.
3. Wanneer een paard of pony op een wedstrijd vers bloed op de flanken, in de mond, uit de neus of op
een andere plek op het lichaam heeft moet deze worden uitgesloten. Indien na beoordeling van het
bestuur van de verenigingen, Eed, Maike of de jury er sprake blijkt te zijn van een insectenbeet, hoeft er
geen sprake te zijn van uitsluiting, indien het paard fit to compete is.
4. Wie zich schuldig maakt aan de gedragingen zoals opgenomen in de leden 1 t/m 3 wordt gediskwalificeerd.
Artikel 11 Hulpmiddelen, bitten, hulpteugels en beenbescherming
-
Eed en Maike bepalen of en met welke hulpmiddelen, bitten, hulpteugels en beenbescherming wordt gereden tijdens de spring- en dressuurwedstrijden.
-
Indien lid 1 niet van toepassing is en de deelnemer vrijwillig gebruik maakt van hulpmiddelen, hulpteugels of beenbescherming dan volgt een puntenaftrek van twee punten.
-
Lid 1 is niet van toepassing op deelnemers met eigen pony’s en paarden. Bij deze categorieën volgt een puntenaftrek van twee punten.
-
Het gebruik van scherpe sporen of sporen met een tandwiel is niet toegestaan.
-
Het gebruik van een zweep is vanaf de klasse M1 proef niet toegestaan.
Clubkampioenschappen
Artikel 12 Rubrieken
Voor de clubkampioenschappen wordt dezelfde indeling gehanteerd als opgenomen in artikel 5 lid 1 als artikel 8 lid 1.
Artikel 13 Puntentelling
-
Ponyclubleden en leden van de ruitervereniging ontvangen voor iedere deelnemende wedstrijd plaatsingspunten die meetellen voor de clubkampioenschappen.
-
1ste plaats: 1 punt
-
2de plaats: 2 punten
-
10de plaats: 10 punten etc.
-
Geen deelname: 100 punten
-
Clubkampioen is diegene met het laagst aantal punten binnen zijn of haar rubriek.
-
Punten worden uitsluitend toegekend aan de leden van de ponyclub en ruitervereniging.
-
De resultaten van de drie beste dressuur- of springwedstrijden tellen mee voor de clubkampioenschappen.
Artikel 14 Ex aeqo
Indien twee leden op de 1ste plek eindigen wordt de beslissing bepaald door middel van een barrageparcours (springen) of het rijden van een extra dressuurproef.
Artikel 14 Wisselbeker clubkampioenen
-
De clubkampioen ontvangt de wisselbeker in bruikleen.
-
Indien een lid drie jaar achtereenvolgens clubkampioen wordt, dan mag hij of zij de beker behouden.
-
Clubkampioenen dienen de wisselbeker uiterlijk vier weken vóór de volgende clubkampioenschappen in te leveren.
-
Bij het niet inleveren van wisselbeker worden de kosten voor de aanschaf van een nieuwe beker aan de betreffende ruiter gefactureerd.
Artikel 15 Slotbepaling
In alle gevallen waarin het wedstrijdreglement niet voorziet en bij geschillen over de uitleg of toepassing hiervan, beslist het bestuur van ponyclub en/of ruitervereniging Galop in overleg met Eed en Maike, met inachtneming van de bepalingen van de KNHS en/of de statuten.
bottom of page